NDW logo verkeers veiligheid


Doel

Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voert beleid om afleiding door apparatuur in het verkeer tegen te gaan. Deze pagina bevat onderzoeksresultaten van verschillende periodieke metingen naar het gebruik van apparatuur (zoals de smartphone) door fietsers en – omdat de waarnemingen daarvan gecombineerd kunnen worden - het gebruik een fietshelm om inzicht te krijgen in de ontwikkelingen en ter ondersteuning van de beleidsdoelen uit het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030


Informatie

De rapportages bieden de resultaten van verschillende monitoringsonderzoeken naar apparatuurgebruik en fietshelmdracht. De onderzoeken vinden plaats op fietspaden en fietsvoorzienigen binnen en buiten de bebouwde kom.

In deze meting staat apparatuurgebruik centraal. Apparatuurgebruik is gedefinieerd als een los mobiel apparaat – smartphone, Ipod, tablet e.d. - in de hand vast houden. Binnen apparatuur in de hand vasthouden is onderscheid gemaakt in een aantal mogelijke vormen van apparatuurgebruik:

• Geen mobiele apparatuur los in hand.

• Wel mobiele apparatuur los in de hand.

- Telefoon in hand zonder verder gebruik.

- Handheld bellen.

- Telefoon in hand en actief bezig met scherm.

- Telefoon in de hand en er alleen naar kijken.

- Een mobiel apparaat anders dan een smartphone in de hand.

- Actief bezig met een mobiel apparaat anders dan smartphone in de hand.

Het gebruik van een zgn. stuurhouder wordt eveneens in kaart gebracht.

 

Daarnaast wordt gekeken of een fietshelm wordt gedragen, of die van het juiste type is en of deze op de juiste manier wordt gebruikt. Omdat de helm op de fiets nog niet verplicht is dient deze reeks als indicatief te worden gebruikt.


Inwinning

Het gebruik van apparatuur resp. de (juiste en correct gebruik) helm wordt dmv visuele waarnemingen langs de fietsvoorzieningen beoordeeld.